Mobile nav

Positieve gezondheid en leefomgeving

Home >> Voeding & Gezondheid >> Positieve Gezondheid >> Positieve Gezondheid en leefomgeving

De wijk gezonder maken vanuit Positieve gezondheid


Ben je op zoek naar hoe een straat of wijk kan bijdragen aan betere gezondheid? Het Louis Bolk Instituut heeft daarvoor een handig model ontwikkeld - op basis van het spinnenweb voor Positieve gezondheid.

Veel mensen kennen het spinnenweb als instrument om van één individu de Positieve gezondheid in kaart te brengen en daarover in gesprek te gaan. Met een uitbreiding naar de leefomgeving kan het model ook houvast bieden voor verbeteringen in de leefomgeving, dusdanig dat de gezondheid van mensen verbetert. Daarmee maken we de stap van het individuele naar het collectieve niveau (zie afbeelding). Denk bij mentaal welbevinden bijvoorbeeld aan geluidshinder en verbinding met de buurt. Bij lichaamsfuncties aan fietspaden en sportmogelijkheden. En bij dagelijks functioneren aan toegang tot informatie en het winkelaanbod.

De eerste stap zetten
Met dit model kan met iedereen het gesprek over gezondheid en leefomgeving worden gevoerd. Daartoe worden bewoners en andere stakeholders bijvoorbeeld uitgenodigd om met elkaar de zes domeinen van het model voor de leefomgeving in te vullen (zie het voorbeeld in de afbeelding). Belangrijke vragen daarbij zijn 'Wat kan er volgens jou verbeteren?' en 'Wie van ons pakt welk punt op?' Aan de hand van de invulling wordt het gesprek gevoerd over wie daarbij de regie dient te hebben. Dat kan de gemeente zijn of de wijkmanager, maar ook het buurtcomité of een bewoner. Wat dicht bij huis ligt, kunnen bewoners vaak prima zelf oppakken. Bijvoorbeeld een wekelijks koffiemoment organiseren. Liggen de verbeterpunten op grotere afstand, zoals een bankje plaatsen of een fietspad aanleggen, dan ligt de regie eerder bij de gemeente.

Gelijk bouwen aan draagvlak
Die aanpak heeft tal van voordelen. Het spinnenweb is inmiddels breed omarmd. Er is dus geen discussie over de uitgangspunten. Positieve gezondheid vormt daarbij een geaccepteerd uitgangspunt. Dat gaat over gezondheid in de breedste zin – en dat zijn de zes pijlers.
Een ander voordeel is dat je tijdens het proces samen bouwt aan draagvlak. Vaak zie je in gemeentes dat partijen in een verbeterproces niet vanzelfsprekend samenwerken. Dat gebeurt bijvoorbeeld als gemeente en burgers elk hun eigen beeld hebben van wat er moet gebeuren in de wijk. Dan is het veel lastiger om elkaar te vinden. Samen het spinnenwebmodel invullen biedt dan uitkomst.
Tot slot is een groot voordeel dat het een integrale aanpak is.

Ook in nieuwe wijken
In diverse bestaande wijken en stadsdelen is het model al ingezet om met elkaar tot een gezondere leefomgeving te komen. Ook is het Louis Bolk instituut gevraagd om mee te denken over het ontwerp van nieuwe wijken. Dat brengt integrale en boeiende vraagstukken met zich mee. Juist als je bijvoorbeeld wilt dat uiteenlopende bevolkingsgroepen er een gemeenschap gaan vormen, van hoogopgeleide jonge gezinnen tot mensen met een beperking, die er begeleid wonen en dementerende ouderen. Hoe breng je ze bij elkaar? Wat zijn hun behoeftes? Welke synergie is er te vinden? Dat kan tot een prettiger samenleving leiden én tot lagere zorgkosten. Er zit dus voor gemeentes uiteindelijk ook een financieel voordeel aan.

Meer samenhang in beleid
Het model voor Positieve gezondheid en leefomgeving leidt in gemeentes ook tot meer samenhang in beleid. Terwijl er behoefte is aan integrale aanpak, is er vaak voor verschillende beleidsterrein nog een afzonderlijk plan, zoals voor volksgezondheid, milieu, sociale zaken en onderwijs. Veel beleidsambtenaren worden vanuit hun organisatiestructuren nu gestuurd om te focussen op hun eigen beleidsterrein, terwijl er juist behoefte is aan een integrale aanpak. Zo gauw ambtenaren het raamwerk samen invullen, ervaren ze meer samenhang tussen die afzonderlijke beleidsterreinen. En gaan ze een integrale aanpak vanzelfsprekend vinden: ze zien dat ze elkaar nodig hebben om meer te bereiken.

Meer weten?
Het Louis Bolk Instituut helpt je met workshops, advies en onderzoek.
Neem daarvoor contact op met:
Sjef Staps s.staps@louisbolk.nl  06 1091 9981 of
Herman van Wietmarschen h.vanwietmarschen@louisbolk.nl  06 1253 3219

Download

Leaflet 'Positieve gezondheid en leefomgeving'

 
 
Contact

Sjef J.J.M. Staps

Projectleider Duurzame Ontwikkeling

Herman van Wietmarschen

Onderzoeker Voeding & Gezondheid